Een van mijn redenen om de tegenstemmers
niet te begrijpen is juist dat ze felle voorstanders zijn van het gebruik van stamboomloze honden die op een Wetterhoun lijken en felle tegenstanders van het zelf creeeren van die look-a-likes, door er (geselecteerde) andere honden in te kruisen.
Ten eerst zullen die "boerenwetterhounen" ,zoals ze ze noemen, vaak kruisingen zijn met andere rassen of daar van afstammen. Zo weet ik dat er in Drente iemand woonde die tot twee keer toe een nestje pups op MP had kruising Wetterhoun/ Golden Retriever. En ik weet een fokker die vorig jaar een ongeluknestje had Wetterhoun/Labrador. Deze laatste was zeker te goeder trouw, die in Drente deed het blijkbaar bewust.
Uit die nestns zijn zeker look-a-likes voortgekomen als je de pup-fotootjes zag.
Ik vind een nadeel dat je in veel gevallen weinig tot niets weet van de achtergrond van de hond als het gaat om ziektegeschiedenis en erfelijke aandoeningen.
Als je zelf de look-a-likes maakt door outcross kan je sturen op gezondheid. Door een reu van een ander ras met stamboom te gebruiken kan je in de afstamming van die hond zien hoe het met de gezondheid gesteld is.
Verder gaan de tegenstemmers er van uit dat door de outcross het specifieke karakter van de Wetterhoun aangetast wordt. Maar blijkbaar dreigt dat gevaar niet door het gebruik van de "boerenwetterhounen". Waar ik denk dat die nl. ook steeds gekruist zijn met andere rassen, schijnt men van de vooronderstelling uit te gaan dat dit een raszuivere wetterhounsoort is, waar geen andere rassen in zitten.
De voorzitter van de FAC merkte m.i. terecht op dat het karakter van de wetterhoun niet concreet omschreven is in de rasstandaard: het zijn geen vaste meetbare waarden. Voor je kan bekijken of het karakter veranderd zal je moeten vastleggen wat het gewenste karakter is.
Allebei mijn wetters hebben b.v. niet de genoemde gereserveerdheid t.o.v. vreemden. Maar is die gereserveerdheid wel zo vanzelfsprekend, of werd de aanleg daarvoor in het verleden gestimuleerd doordat men de honden op het erf hield en de socialisatie, zoals ik die met mijn honden heb gedaan achterwege liet??
En heb ik dan geen echte wetters omdat ze wél vriendelijke zijn naar vreemden??
Zo viel op de bijeenkomst ook de opmerking: Straks krijg je een wetter die gehoorzaamt!
Ik ken veel wetters die prima gehoorzamen aan hun baas en prima willen werken, maar het vergt wel de nodige training en een trainingsaanpak die bij de hond past.
Maar als je vind dat een wetterhoun als raskenmerk heeft dat hij niet gehoorzaamd, ben je dan bezig je eigen gemakzucht te verdoezelen ( als ze toch niet luisteren hoef je er ook geen moeite en tijd in te stoppen) of ben je dan bezig met een stukje mythevorming??
Als keurmeester op jachtwedstrijden tegen een voorjager met een wetterhoun zegt dat je wel heel erg veel van je ras moet houden en wel een heel optimistisch mens moet zijn om een Wetterhoun uit te brengen, vind ik dat géén reclame voor het ras. Gaan we dit beeld niet alleen in standhouden , maar als fokcriterium hanteren?? Hoe bevordelijk is dat voor een ras??
De groep WD, zoals Gré ze noemde(

), wil nu een tweede rasvereniging oprichten. Wettelijk gezien hun goed recht, maar als je het hebt over een groep van 100 honden die beschikbaar zijn voor de fokkerij lijkt het mij niet in het belang van het ras om een splitsing te laten ontstaan. Ze zijn echter zó gebeten op, tja wat .... De outcross, de FAC, het Bestuur( ???? Dat is mij inmiddels onduidelijk ) dat ze sommige zaken helemaal niet meer horen of oppakken.
Zo werd ik een aantal dagen voor de vergadering gebeld om hun standpunt met mij te bespreken en mij te "werven" Niets op tegen, geen probleem mee. Maar wél met het feit dat in dat telefoontje onwaarheden gedebiteerd werden, waaronder dat het al vast stond dat er Labrador ingekruist zou worden.
In het Fokkersberaad is voortdurend gemeld dat er nog niets vast stond en dat de Lab als voorbeeld was genoemd. Toen in de vergadering iemand als voorbeeld de Duitse herder noemde, onstond er bij sommigen ook onrust
Ik vind het niet erg om een felle discussie te voeren en heb wel begrip voor de emoties die het oproept als het om dieren gaat. Maar de manier waarop in de aanloop naar en op de vergadering zelf er soms op de persoon gespeeld werd en de pogingen tot verdachtmaking en zwartmaken van de FAC en het bestuur, het dreigen( "als we ons zin niet krijgen richten we een tweede rasvereniging op" Leeuwarder Courant 16 of 17 maart) na de vergadering het beledigen van FAC-leden (Stond ik zelf bij!) vind ik zo verschrikkelijk beneden alle peil, dat ik me zou schamen om met deze groepering geassocieerd te worden.
